PTO (Productie, Transport en Opslag)

lees verder

Een robuuste infrastructuur voor productie, transport en opslag

De energievoorziening van de toekomst vraagt om innovatieve oplossingen. Elektriciteit levert op dit moment slechts 20% van onze uiteindelijke energievraag, voor de resterende 80% zullen we oplossingen moeten vinden. Bovendien leveren wind- en zonne-energie geen constante opbrengst. Dat vraagt om nieuwe vormen van transport en opslag.

Goeree-Overflakkee produceert meer groene elektriciteit dan het zelf verbruikt. Door het overschot om te zetten in groene waterstof ontstaat een buffer voor de momenten waarop er te weinig wind- of zonne-energie wordt opgewekt. Waterstof voorziet ook in een energievraag die niet met elektriciteit is af te dekken. Een verbinding met het Rotterdamse havengebied is interessant om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen. Bij overproductie op het eiland kan Rotterdam bediend worden. Nu wordt daar veel grijze waterstof – gemaakt uit aardgas – gebruikt. Omgekeerd kan bij een piekvraag op het eiland het waterstofaanbod vanuit het havengebied bijspringen.

Doelstelling

Dit project verkent de technische en economische haalbaarheid van een robuuste regionale infrastructuur voor de distributie en opslag van groene waterstof. Vanuit eerste lokale oplossingen biedt de koppeling met het vaste land mogelijkheden voor opschaling. Om verschillen tussen vraag en aanbod te overbruggen en zo de ontwikkeling van een groene waterstofmarkt te versnellen. In een samenwerking met Gasunie wordt toegewerkt naar een liquide en open markt waarin (groene) waterstof een optie wordt voor alle sectoren.

Voortgang

Swipe door de tijdlijn en zie welke stappen er gezet zijn.

1
Level 1
Fase 1: onderzoek
Level 1
Fase 1: onderzoek
Fase 1: onderzoek Deze fase bestaat uit drie levels, stuk voor stuk gericht op onderzoek. Om te beginnen is er een bepaalde technologie of innovatie in beeld. Ook zijn er aannames over de werkingsprincipes, de business case en de haalbaarheid. Om deze aannames te valideren is uitgebreid vooronderzoek nodig. Op basis van dit onderzoek is de nauwkeurige formulering van het technologisch concept en het toepassingsgebied mogelijk. Vervolgens leiden de eerste testen tot een ‘proof of concept’.
2
Level 2
Fase 2: innovatie
Level 2
Fase 2: innovatie
Fase 2: innovatie De ontwikkelfase is bedoeld om het ‘proof of concept’ uit de onderzoeksfase verder te testen. Dat gebeurt veelal met basale prototypes op een kleine schaal, bijvoorbeeld in een laboratorium of testomgeving. Bij succes is de volgende stap om de technologie te testen en valideren in een relevante omgeving – een situatie vergelijkbaar met de toekomstige toepassing. Meestal zijn de prototypes in dit stadium al verder gedefinieerd. Zo ontwikkelt zich een prototype dat de werking van de technologie demonstreert.
3
Level 3
Fase 3: pilots en demonstratie
Level 3
Fase 3: pilots en demonstratie
Fase 3: pilots en demonstratie In deze fase verschuift de nadruk van technische werking naar zaken als productie en certificering. Het systeem zelf is weliswaar operationeel in een pilot of demonstratieproject. Eenmaal in de praktijk zijn verdere finetuning en optimalisatie onvermijdelijk. Dit is ook de fase om de markt kennis te laten maken met de innovatie en de productie voor te bereiden.
4
Level 4
Fase 4: gebruiksklaar
Level 4
Fase 4: gebruiksklaar
Fase 4: gebruiksklaar De pilot- en demonstratiefase helpt om de innovatie technisch en commercieel klaar te maken voor productie en marktintroductie.

Leerdoelen

Hoe kan waterstof zo veilig en efficiënt mogelijk worden opgeslagen? Vergroot waterstofuitwisseling met de regionale infrastructuur van het Rotterdamse havengebied de mogelijkheden en daarmee de leveringszekerheid en back-up voorziening? Kan overproductie van groene waterstof op het eiland eenvoudig elders worden ingezet, terwijl omgekeerd de levering voor het eiland wordt gegarandeerd?